Cookies, inclusief cookies van derden, worden gebruikt om de kwaliteit van de inhoud van deze website te verbeteren en aan te passen aan de behoeften van gebruikers. Door deze website te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies en met eventuele communicatie als u uw contactgegevens invult in een van de formulieren die op de website moeten worden ingevuld.
Blog

Kweekzakken in de serre: wortelvolume, afvoer en steun

Kweekzakken in de serre: wortelvolume, afvoer en steun

Teelt in de serre

Een kweekzak kan een teeltzone afbakenen, maar het aantal liters op de verpakking zegt niet vanzelf hoeveel wortelruimte een plant krijgt. De inhoud, plantafstand, afvoer van gietwater en ruimte voor steunen bepalen samen of zakken in uw serre praktisch zijn. Met een volumeberekening en een ingetekend looppad kunt u ze eerlijk vergelijken met een vast serrebed.

Orangerieserre in een tuin

Kweekzakken houden teeltzones apart

Een kweekzak maakt van een deel van de vloer een afzonderlijke teeltzone. U vult hem met substraat en kunt per zak een gewas of teeltmoment plannen. In een vast bed loopt de teeltlaag doorgaans door over een groter vlak: waar de bodem en eventuele bedrand dat toelaten, kunnen wortels ook buiten de plek van de stengel groeien. Een zak begrenst de hoeveelheid beschikbaar substraat, zolang de wortels niet via de bodem in de ondergrond doorgroeien. Vergelijk dus niet alleen de bovenzijde van de zakken met het oppervlak van een bed.

Afzonderlijke zakken kunnen handig zijn als u teelten of substraten gescheiden wilt houden. Ze vragen echter meer vloeroppervlak dan hun eigen voetafdruk zodra u ook ruimte laat voor bladeren, steunmateriaal en toegang om te oogsten. Een gevulde zak is bovendien niet zomaar verplaatsbaar: het gewicht en de vorm veranderen wanneer het substraat nat is. Bekijk daarom eerst hoeveel ruimte uw teeltsysteem vraagt. De productpagina van een klassieke aluminiumserre vermeldt uitvoeringen van 3,77 tot 28,08 m². Die oppervlakte is een eerste maatvergelijking; teken daarna zakken en looppaden in op basis van de concrete maattekening.

Aangegeven inhoud is niet altijd het bruikbare wortelvolume

Een inhoud in liters is een vertrekpunt, maar controleer hoe die inhoud is bepaald. Soms vermeldt een zak de nominale capaciteit, soms zijn vooral de buitenmaten aangegeven. De werkelijke vulruimte kan kleiner zijn wanneer de zak taps toeloopt, inzakt of niet tot aan de rand wordt gevuld. Houd ook rekening met de vulhoogte die voor de zak bedoeld is; een vrije rand kan nodig zijn om water te geven zonder dat substraat wegspoelt. Het volume dat u koopt of afmeet, is dus niet automatisch gelijk aan de ruimte waarin wortels gelijkmatig kunnen groeien.

Gebruik bij afmetingen de binnenmaten en de hoogte tot de geplande vullijn. Voor een eenvoudige rechthoek rekent u lengte maal breedte maal vulhoogte; bij een soepele of taps toelopende zak is de opgegeven inhoud of de werkelijk afgemeten hoeveelheid betrouwbaarder dan een berekening met de buitenmaten. Noteer bij elke zakmaat waarop uw cijfer berust: de vermelde capaciteit, een berekening of de hoeveelheid waarmee u de zak daadwerkelijk vult. Zo vergelijkt u geen volle zak met een zak waarvan u bewust een deel leeg laat. Houd ook de vulhoogte apart bij, want eenzelfde aantal liters zegt nog niet dat twee zakken dezelfde vorm of diepte hebben. Deel de gevulde inhoud desgewenst door het aantal planten om zakken onderling te vergelijken, maar gebruik die uitkomst niet als teeltadvies. De pagina van een aluminium muurserre vermeldt modeloppervlaktes van 3,69 tot 14,34 m². Welke rijopstelling past, hangt daarna af van de bereikbaarheid en de gekozen zakmaten.

Het substraatvolume van een vast bed berekenen

Voor een rechthoekig bed vermenigvuldigt u de binnenlengte met de binnenbreedte en met de gemiddelde vuldiepte. Meet in meters: een bed van 1 bij 1 meter met een substraatlaag van 0,25 meter bevat 0,25 m³, oftewel 250 liter. Bij een bed met wisselende hoogte gebruikt u een gemiddelde diepte. Meet alleen het deel dat u werkelijk met substraat vult; looppaden en andere lege zones horen niet bij de bedinhoud. Zo voorkomt u dat een berekening op basis van de buitenomtrek de hoeveelheid groeimedium overschat. Zet alle maten vóór de berekening in dezelfde eenheid: 25 centimeter wordt bijvoorbeeld 0,25 meter. Houd de inhoud van het volledige bed vervolgens apart van de hoeveelheid die u nog moet toevoegen. Als er al substraat aanwezig is, zijn dat twee verschillende hoeveelheden. Noteer daarom zowel de bestaande vulhoogte als de gewenste eindhoogte wanneer u een bestelling voorbereidt.

Een berekende bedinhoud is niet altijd hetzelfde als de totale grond waarin wortels kunnen groeien. Bij een bed met een open bodem kan de ondergrond toegankelijk zijn, afhankelijk van de bodem en de constructie. In een bed op een vaste ondergrond telt u juist alleen de gevulde laag mee. Als u bestaande serregrond opfrist, reken dan niet de volledige bodemdiepte mee wanneer u slechts een deel aanvult. Op de pagina van de Limited Edition-serres kunt u modelmaten bekijken, maar vierkante meters vertellen op zichzelf niet hoeveel liter een gekozen bed nodig heeft.

Rekenvoorbeeld voor twee plantstroken en een middenpad

Stel dat u een rechthoekig teeltvlak van 2 meter breed en 4 meter lang hebt opgemeten. In een schets reserveert u 0,6 meter voor een middenpad; aan weerszijden blijft dan een strook van 0,7 meter breed over. Dat is een rekenvoorbeeld, geen voorgeschreven padbreedte: controleer in uw eigen serre of deur, gereedschap en dagelijkse werkzaamheden voldoende plaats hebben. Teken in elke strook vier zakposities. Neem voor de berekening acht fictieve zakken van elk 40 liter: samen bevatten ze 320 liter. De werkelijke voetafdruk van de gevulde zakken kan afwijken, dus controleer die vóór u de posities vastlegt. De vier posities per strook zijn nog geen uitgewerkt plantschema. Teken elke zak op schaal en geef afzonderlijk aan waar de planten komen. Controleer of de zakken volledig binnen de stroken blijven en hoeveel ruimte tussen de zakken overblijft. Zo houdt u de beschikbare vloeroppervlakte, het aantal zakken en het aantal planten als drie afzonderlijke gegevens bij.

Vul als vergelijking twee vaste bedden met dezelfde lengte en breedte tot 0,25 meter diep. Elk bed van 0,7 bij 4 bij 0,25 meter bevat dan 0,7 m³, oftewel 700 liter; samen is dat 1.400 liter. Dat is in dit voorbeeld ruim viermaal het nominale volume van de acht zakken. Het betekent niet dat elk bed meer planten moet bevatten: een bed en een rij zakken hebben niet automatisch dezelfde plantafstand of wortelruimte per plant. Bij één plant per zak rekent u hier met 40 liter per plant. Zet u ter vergelijking ook acht planten in de twee bedden, dan is de gemiddelde bedinhoud 175 liter per plant. Dat gemiddelde deelt een doorlopend bed alleen op papier: elke plant krijgt geen afzonderlijk vak van precies 175 liter. De vergelijking laat vooral zien hoeveel substraat beide indelingen bevatten bij hetzelfde aantal planten, zonder daarmee te bepalen welke inhoud voor het gewas nodig is. De productpagina van de serre in T-vorm vermeldt verschillende modellen; gebruik de tekening van het gekozen model om te zien hoe een eigen pad en plantstroken passen.

Overzichtsbeeld van een orangerieserre

Stem de zak af op het gewas en de plantafstand

De benodigde wortelruimte hangt af van het gewas, het ras, de groeiduur en het aantal planten per zak. Compacte kruiden en kortere teelten stellen andere eisen dan grote vruchtgewassen die lang doorgroeien. Wortelgewassen vragen bovendien voldoende diepte en een substraat waarin hun wortels zich kunnen ontwikkelen. Dat zijn redenen om niet één standaardinhoud voor alle serreplanten te gebruiken. Zoek de richtlijn voor het gekozen gewas op en controleer of de zak zowel de benodigde diepte als de inhoud biedt.

Bereken daarna hoeveel planten u werkelijk in elke zak wilt zetten. Meer planten verdelen dezelfde hoeveelheid substraat over meer wortels; hun bladeren en eventuele steunen vragen daarnaast plaats boven de zak. Een berekening in liters per plant is nuttig om twee indelingen te vergelijken, maar vervangt geen gewasspecifieke teeltinformatie. Ook de vorm van de serre lost die vraag niet op. Bekijk bij een serre in piramidevorm de maattekening om de vrije ruimte rond een hoge plant of steun te beoordelen. De modelbenaming alleen geeft daarover geen uitsluitsel.

Plan waar overtollig gietwater naartoe kan

Controleer hoe een kweekzak water afvoert voordat u hem neerzet. De ene zak kan water via openingen laten wegstromen, terwijl een andere ook via het materiaal afwatert. Ga niet uit van een bepaalde constructie zonder de aanwijzingen van de fabrikant te lezen. Water dat uit de zak loopt, moet ergens heen kunnen: houd rekening met de serregrond, de vloer en de plek waar u loopt of werkt. Als u een opvangschaal gebruikt, kijk dan na of die water vasthoudt en maak ze leeg wanneer dat nodig is.

Controleer na het water geven of de afvoer werkt zoals bedoeld en of er geen water onder de zak blijft staan. Voel niet alleen aan de bovenkant: de oppervlakte kan anders aanvoelen dan het substraat dieper in de zak. Maak bij uw controle onderscheid tussen water in het substraat, water dat uit de zak loopt en water dat op de vloer of in een schaal achterblijft. Dat zijn verschillende waarnemingen. Noteer bij welke zak u water ziet staan en waar het zich verzamelt; zo kunt u gericht nagaan of het aandachtspunt bij de zak, de opvang of de ondergrond ligt. Een vast bed voert water op zijn eigen manier af, afhankelijk van bodem, bedopbouw en substraat; alleen de inhoud in liters voorspelt dat niet. Beoordeel water geven en drainage daarom afzonderlijk. Als water nergens heen kan, maak dan niet zomaar andere afvoeropeningen, maar kijk eerst naar de zakinstructies en de ondergrond.

Stevige steun voor hoge planten

Een steun moet stevig blijven wanneer een plant groter wordt en meer gewicht draagt. Reken niet op de gevulde zak als verankering: een stok die alleen in los substraat staat, kan bewegen of de zak onder druk zetten. Een hoge plant kan ook buiten de voetafdruk van de zak uitgroeien. Kies daarom op basis van het gewas een passende zelfstandige steun of een ander geschikt bevestigingspunt. Bepaal de plaats vóór het planten, zodat u later minder kans hebt om wortels te beschadigen of een steun midden in het looppad te zetten.

Als u een steun aan de serre wilt bevestigen, controleer dan eerst de aanwijzingen voor de gekozen serreconstructie. Ga er niet van uit dat elk onderdeel bedoeld is om extra gewicht te dragen. Een model met opbergruimte neemt bovendien een eigen zone in: op de productpagina van de serre met ingebouwde opbergruimte kunt u het model bekijken, maar reserveer in uw eigen plan afzonderlijk plaats voor opslag, toegang en plantensteunen. Zo voorkomt u dat een steun of volgroeide plant de doorgang naar die zone blokkeert.

Houd ruimte vrij voor water geven en oogsten

Een indeling moet niet alleen passen wanneer de zakken leeg zijn. U moet er ook met een gieter of slang bij kunnen, planten kunnen verzorgen en de oogst kunnen bereiken. Teken daarom naast de zakken ook de benodigde werkruimte en de verwachte breedte van het bladerdek. Wanneer zakken dicht tegen elkaar staan, kan het lastig worden om een plant te bereiken zonder de buurplant te storen. Houd de deur en het hoofdpad vrij en controleer of u alle rijen vanaf een bereikbare zijde kunt verzorgen.

Zakken kunt u vóór het vullen doorgaans makkelijker anders plaatsen dan wanneer ze vol substraat zitten. Maak uw indeling dus niet afhankelijk van het verplaatsen van volle zakken. Een vast bed blijft op zijn plek, maar maakt de teeltzone duidelijk afgebakend; bedenk vooraf hoe u de randen en het midden bereikt. De productpagina van de Bloomcabin Prestige-serre vermeldt uitvoeringen van 3,77 tot 28,08 m². Die modeloppervlakte vertelt niet hoeveel werkruimte overblijft nadat u bedden, zakken en paden hebt ingetekend.

Serre in T-vorm, buitenaanzicht

Kies tussen losse zakken, vaste bedden of een combinatie

Kweekzakken passen bij een aanpak waarin u teeltzones afzonderlijk wilt houden of niet de hele serre met substraat wilt vullen. U kunt per zak inhoud en gewas plannen, maar elke zak vraagt aandacht voor zijn eigen afwatering en vochttoestand. Het aantal zakken alleen zegt niet hoeveel planten erin passen: volg voor de plantafstand de richtlijn voor het gewas. Bedenk ook of u de zakken op een harde ondergrond zet of contact laat maken met de serregrond; dat bepaalt mee of de wortelzone werkelijk afgebakend blijft.

Een vast bed is logischer wanneer u een doorlopend teeltvlak wilt en de ruimte blijvend voor die indeling kunt reserveren. U moet wel de hele gevulde inhoud en het bereikbare oppervlak meenemen in uw berekening. Een combinatie kan ook: bijvoorbeeld een vast bed voor een groter teeltvlak en zakken voor afzonderlijke planten of teelten. In het eerdere rekenvoorbeeld kunt u één bed van 700 liter combineren met vier zakken van 40 liter in de andere strook. De totale substraatinhoud wordt dan 860 liter. Dat ligt tussen de twee volledig uitgewerkte opties, maar maakt de zakken en het bed nog niet onderling gelijkwaardig. Houd de inhoud en het aantal planten per zone apart bij, zodat het totaal niet verhult hoe de wortelruimte verdeeld is. Een combinatie werkt alleen goed als de zones elkaar niet hinderen en de doorgang, waterafvoer en steunpunten mee zijn gepland. Vergelijk daarom niet alleen de hoeveelheid substraat, maar ook de plaats die de gekozen werkwijze inneemt.

Controleer de serreplattegrond vóór u de indeling vastlegt

Meet de bruikbare binnenruimte van het gekozen model en werk op basis van die maten, niet alleen van de opgegeven totale oppervlakte. Teken deuren, eventuele rekken en andere vaste onderdelen in, en markeer vervolgens zakken of bedden, paden en plantensteunen. Houd ook rekening met de ruimte die volgroeide planten innemen. Een proefschets op schaal maakt zichtbaar of u een rij kunt bereiken en of een steun een doorgang blokkeert, nog vóór u substraat aankoopt of een bed vult.

Vergelijk bij grote en kleine modellen steeds de exacte uitvoering en de bijbehorende maatvoering. De ruimtelijke serre wordt aangeboden in uitvoeringen van 47 tot 70 m², maar dat bereik alleen toont niet hoe de binnenruimte van een bepaalde uitvoering is ingedeeld. Bekijk de afmetingen van het model dat u overweegt en toets uw schets daaraan. Bewaar bij de schets een kort overzicht met per teeltzone het aantal zakken of de bedmaten, de gevulde inhoud en het geplande aantal planten. Verandert u later de indeling, pas dan ook die gegevens aan. Zo blijft duidelijk of u alleen een rij hebt verplaatst of ook het substraatvolume en de verdeling over de planten hebt gewijzigd. De uiteindelijke teeltindeling hangt af van de gemeten ruimte, de gewassen en de manier waarop u er dagelijks bij wilt kunnen.

Veelgestelde vragen

Hoeveel liter substraat heeft een tomatenplant nodig?

Er is geen vaste inhoud die voor elke tomatenplant geschikt is: ras, teeltduur en het aantal planten per zak spelen mee. Volg een teeltgids voor het gekozen ras en deel de werkelijk gevulde inhoud door het geplande aantal planten. Zie die uitkomst als een vergelijking, niet als een garantie voor voldoende wortelruimte.

Moet ik zelf afwateringsgaten in elke kweekzak maken?

Niet automatisch. Sommige zakken voeren water af via openingen, andere via het materiaal of volgens een andere constructie. Controleer de aanwijzingen van de fabrikant voordat u gaten maakt; extra openingen kunnen de zak beschadigen of de afvoer veranderen.

Kan ik kweekzakken rechtstreeks op de serregrond zetten?

Dat kan, maar kijk eerst na of de bodem van de zak wortels tegenhoudt. Als wortels door de bodem kunnen groeien, is de inhoud geen volledig afgebakende wortelzone. Let ook op waar overtollig gietwater terechtkomt en voorkom dat de zak in opgevangen water staat.

Hoe veranker ik een steun voor een hoge plant?

Reken er niet op dat een gevulde zak vanzelf een stevige verankering vormt. Gebruik een passende zelfstandige steun of volg de aanwijzingen voor een bevestigingspunt. Bevestig niets aan de serreconstructie zonder na te gaan of die daarvoor bedoeld is.

Is een vast serrebed altijd beter dan kweekzakken?

Nee. Een bed kan een groter aaneengesloten volume bieden, maar vraagt meer plaats en substraat en ligt vast. Zakken houden teeltzones apart en zijn soms eenvoudiger te vervangen, maar vragen individuele aandacht voor afwatering en water geven. De beste keuze hangt af van gewas, plantafstand en indeling.

Kweekzakken bieden afzonderlijke teeltzones; een vast bed kan een groter aaneengesloten wortelvolume geven. De vergelijking wordt pas zinvol wanneer u de inhoud, plantafstand en benodigde werkruimte samen bekijkt. Reken de bedinhoud uit, noteer de werkelijk gevulde liters per zak en teken daarnaast paden, waterafvoer en steunpunten in. Zo vergelijkt u geen liters met vierkante meters, maar twee teeltsystemen die in uw serre moeten passen.

45% BETERE PRIJS WANNEER U ONLINE KOOPT
Handelen op internet is handig en winstgevend
Vraag ons
Neem contact met ons op
Telefoon:
E-mail:
Dit E-mail adres wordt beschermd tegen spambots. U moet JavaScript geactiveerd hebben om het te kunnen zien.
Reg.nr.:
38944924
Adres:
Thriges Plads 6, 5000 Odense C, Denmark
Sociale media
Volg ons op Instagram, Facebook en Twitter. Daar vind je het laatste nieuws en de beste aanbiedingen van Bloomcabin.
X
Heeft u vragen en wilt u dat wij u terugbellen?
+32
−
✖