Cookies, inclusief cookies van derden, worden gebruikt om de kwaliteit van de inhoud van deze website te verbeteren en aan te passen aan de behoeften van gebruikers. Door deze website te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies en met eventuele communicatie als u uw contactgegevens invult in een van de formulieren die op de website moeten worden ingevuld.
Blog

Insectengaas bij kasventilatie: plagen weren en lucht laten stromen

Insectengaas bij kasventilatie: plagen weren en lucht laten stromen

Kasventilatie en plaagwering

Een insectenscherm op een kasraam lijkt een eenvoudige barrière, maar het beïnvloedt ook de lucht die door die opening kan bewegen. Een fijne maas kan kleine plaaginsecten tegenhouden, terwijl dezelfde fijne structuur de luchtstroom sterker kan remmen dan grover gaas. Daarom is één universele maaswijdte geen goede keuze voor iedere kas. U moet de doelplaag, de beschikbare ventilatieopeningen en de gegevens over het scherm samen beoordelen. Dit artikel laat zien welke informatie u vergelijkt, waar montage de bescherming kan onderbreken en hoe u veranderingen na plaatsing vastlegt.

Klassieke aluminiumkas.

Aandachtspunten bij de keuze 1

Insectengaas bij ramen, roosters en kieren

Insectengaas werkt als fysieke barrière op een plek waar buitenlucht de kas binnenkomt of kaslucht naar buiten stroomt. Het houdt alleen insecten tegen die niet door de maasopening passen, en alleen als er geen vrije route langs het scherm loopt. Kijk daarom niet uitsluitend naar het doekvlak. Randen, naden tussen delen, de aansluiting op het kozijn en openingen rond scharnieren of geleiders bepalen mee of insecten erlangs kunnen. Breng in kaart welke ramen, luiken en ventilatieroosters u tijdens het luchten gebruikt. Bekijk ze ook in geopende stand: pas dan is duidelijk waar scherm en bewegend raam elkaar moeten ontmoeten. Let vooral op plekken die bij iedere bedieningscyclus openen en sluiten; daar kan een kier ontstaan.

De barrière voorkomt alleen nieuwe binnenkomst via de afgeschermde routes. Insecten kunnen al aanwezig zijn op planten of materiaal dat u naar binnen brengt, of binnenkomen via een deur die openstaat. Gaas verhelpt dus geen bestaande plaag en maakt een kas niet automatisch insectenvrij. Houd inspectie van planten en toegangsplekken onderdeel van uw aanpak. Plakvallen kunnen vliegende insecten signaleren, maar een vangst vertelt niet altijd welke plaag op het gewas zit; geen vangst bewijst evenmin dat de kas volledig vrij is. Een plaag die al op een plant zit, wordt immers niet tegengehouden door een scherm voor een ventilatieopening.

Bepaal eerst welke plaag u wilt weren

Kijk eerst welke insecten u werkelijk aantreft en welke schade of sporen daarbij horen. Controleer regelmatig bladonderzijden, jonge scheuten en groeipunten; noteer ook waar aantasting begint en of u volwassen insecten ziet. Schrijf de plantensoort en de vindplaats erbij, zodat u bevindingen op verschillende dagen kunt vergelijken. Een kleverige val kan aanwijzingen geven over vliegende soorten, maar leg de vangst naast de schade aan de plant. Bij twijfel kan een plantendeskundige of leverancier helpen de plaag te identificeren. Een scherm kiezen op basis van alleen de omschrijving ‘kleine beestjes’ maakt de keuze onnauwkeurig: verschillende plaaginsecten vragen niet noodzakelijk om dezelfde opening.

Bepaal vervolgens welke levensfase u buiten wilt houden. Bij sommige plagen vliegen volwassen insecten de kas in, terwijl andere vormen zich al op planten of in potgrond kunnen bevinden. Het gaas blokkeert alleen toegang via de opening die het afdekt; het verhelpt geen besmetting die binnen al aanwezig is. Vraag bij de leverancier welke maasopening past bij de geïdentificeerde plaag en laat bevestigen of de maat de werkelijke opening tussen de draden aanduidt. Een algemene omschrijving als fijnmazig is geen controleerbare specificatie. Als de plaag nog niet duidelijk is, is die eerst identificeren nuttiger dan op goed geluk een fijner scherm kiezen.

Aandachtspunten bij de keuze 2

Maaswijdte vertelt niet alles over de luchtstroom

Maaswijdte en het aantal mazen per lengte-eenheid worden niet altijd op dezelfde manier vermeld. Een hoog maasgetal betekent niet vanzelf dezelfde opening bij elk doek: draaddikte en weefstructuur beïnvloeden hoeveel open ruimte overblijft. Zoek daarom naar de feitelijke maasopening en naar een omschrijving van wat er precies gemeten is. Als alleen een maasgetal op de verpakking staat, vraag dan naar de bijbehorende opening en meeteenheid. Vraag ook of de opgegeven opening een nominale maat is en of er toleranties gelden. Vergelijk producten pas wanneer duidelijk is of de waarde de opening, de draadmaat of een andere productmaat beschrijft.

Ook twee doeken met vergelijkbare maasopeningen kunnen een ander aandeel open oppervlak hebben. Dat beïnvloedt hoeveel lucht door een bepaald stuk doek kan stromen. Vraag naast de maat van de opening naar het aandeel open oppervlak of, liever, naar ventilatiegegevens met vermelde testomstandigheden. Controleer of die gegevens gelden voor los doek of voor een gemonteerd scherm. Noteer ook voor welke doelinsecten de fabrikant het gaas bedoelt. Overweegt u de T-model orangerie kas, vraag dan welke gaasspecificaties beschikbaar zijn voor de gekozen uitvoering. Zo vergelijkt u de gegevens van het scherm met die van de kas; de modelnaam alleen geeft daarover geen uitsluitsel.

Fijner gaas kan de ventilatie sterker afremmen

Een scherm vormt extra weerstand in een ventilatieopening. Hoe fijner of dichter geweven het gaas, hoe sterker het de luchtstroom doorgaans kan beperken; de werkelijke invloed hangt ook af van het doekoppervlak, de draaddikte, de wind en de stand van het raam. U kunt het effect dus niet betrouwbaar afleiden uit alleen een maasgetal of een foto. Als lucht minder vlot wordt ververst, kan warmte of vocht ook minder gemakkelijk worden afgevoerd. Dat is vooral relevant wanneer de kas veel ventilatie nodig heeft en de buitenlucht weinig beweegt. Er bestaat geen vast percentage waarmee u de invloed van elk gaas kunt voorspellen.

Kijk naar de hele luchtweg, niet naar één los raam. Lucht moet via openingen naar binnen én naar buiten kunnen; gaas op meerdere ventilatiepunten voegt op meer plekken weerstand toe. De verdeling en ligging van de openingen tellen mee, net als hoe ver ze worden geopend. Vraag daarom naar ventilatiegegevens voor de uitvoering met gaas op alle bedoelde openingen, of naar advies over die combinatie. Bij het vergelijken van een Piramide-type kas kunt u aangeven welke ramen u tegelijk wilt gebruiken en afschermen. Dat maakt uw vraag concreter dan een algemene vraag over luchtstroom en helpt om de volledige ventilatieconfiguratie te bespreken.

Klassieke glazen kas.

Aandachtspunten bij de keuze 3

Beoordeel de volledige ventilatieopening

De afmetingen van een raam geven niet automatisch de bruikbare ventilatieopening aan. Kozijn, scharnieren, raamvleugel en bevestiging kunnen een deel van de doorgang innemen; een gaasframe kan die vrije ruimte verder veranderen. Vergelijk daarom de opening zoals de kasdocumentatie die beschrijft met de maat van het scherm en de ruimte die overblijft wanneer het raam openstaat. Een meting van alleen het doekoppervlak vertelt niet hoeveel lucht de complete combinatie doorlaat. Gebruik daarvoor geen zelfbedachte omrekening op basis van de maaswijdte. Noteer ook of het raam volledig open kan met het scherm gemonteerd.

Als u meerdere ventilatieopeningen hebt, neem ze afzonderlijk op: welke zijn bruikbaar, welke wilt u afschermen en welke blijven zonder gaas? Zo ziet u of een plan alle luchtwegen beperkt of juist ongecontroleerde toegangswegen overlaat. Meer gaasoppervlak kan de stromingsweerstand anders verdelen, maar compenseert een fijnmazig doek niet automatisch; daarvoor zijn gegevens over de volledige configuratie nodig. Houd ook rekening met deuren: die kunnen een alternatieve toegang vormen wanneer u ze openzet. Bespreek bij de Limited Edition-kas met opbergruimte hoe de vrije ventilatieopening voor uw uitvoering wordt bepaald. Neem daarbij zowel de maat van het scherm als de resterende doorgang rond het geopende raam mee.

Controleer de aansluiting op het bewegende raam

Het scherm moet passen bij de manier waarop het raam beweegt. Bij een draaiend of schuivend onderdeel kan een verkeerd geplaatste rand klemmen, loskomen of een kier achterlaten. Controleer daarom de volledige beweging van het raam en de bevestiging in gesloten, gedeeltelijk geopende en volledig geopende stand. Houd rekening met eventuele bediening of een raamopener: extra gaas of een frame mag de werking daarvan niet hinderen. Volg de instructies van de kasfabrikant en pas geen frame, scharnier of bediening aan zonder te weten dat die wijziging geschikt is. Let ook op dat een losse rand niet tussen bewegende delen terechtkomt.

Informeer of de leverancier een passend scherm of een bevestigingswijze voor het concrete model voorschrijft. Geef de modelnaam, uitvoering, het type ventilatieopening en eventueel een foto van het raam in geopende stand mee; zo hoeft een adviseur de situatie niet uit een algemene productnaam af te leiden. Overweegt u de Bloomcabin Prestige-kas, bespreek dan welke gaasoplossing samengaat met de gekozen raamconfiguratie en de eventuele raamopener. Vraag ook of het gaas vervangbaar is zonder de kasconstructie te wijzigen en of het scherm op dezelfde plek kan blijven wanneer u het raam bedient. Zo beoordeelt u niet alleen de bevestiging, maar ook het dagelijkse gebruik.

Aandachtspunten bij de keuze 4

Stem de keuze af op uw teelt

Hoeveel luchtverversing u nodig hebt, hangt mede af van wat u in de kas kweekt en hoe dicht de planten bij elkaar staan. Een dicht, bladrijk gewas, veel potten of een periode met sterke instraling kan een andere ventilatiebehoefte geven dan een lege kas. Ook de plaats van de planten ten opzichte van openingen beïnvloedt de omstandigheden op gewashoogte. Daarom is het niet genoeg om alleen het kasoppervlak of het type gaas te vergelijken. Beschrijf uw gewas, plantdichtheid, gebruiksperiode en de ramen die doorgaans openstaan wanneer u advies vraagt. Zo wordt duidelijker of een scherm bij uw gebruik past.

Vraag of ventilatiegegevens gelden voor dezelfde soort opening, hetzelfde doekoppervlak en de montage die u wilt gebruiken. Als zulke informatie niet beschikbaar is, behandel een belofte als ‘goede luchtstroom’ niet als meetwaarde. Een scherm kan plaaginsecten weren en tegelijk de hoeveelheid lucht door een opening verlagen; beide doelen moeten dus meewegen. Vergelijkt u de Ruime kas met andere uitvoeringen, betrek dan uw teelt en de beoogde gaasmontage bij de beoordeling van de ventilatiegegevens. Koppel de keuze aan de documentatie en het beoogde gebruik, niet alleen aan het kasoppervlak. Verandert uw teelt later sterk, beoordeel dan opnieuw of de combinatie nog aansluit bij uw ventilatiebehoefte.

Vergelijk metingen voor en na montage

Een eenvoudige nulmeting helpt het effect van montage beter te beoordelen. Noteer op meerdere dagen temperatuur en luchtvochtigheid op dezelfde plek, op vergelijkbare momenten en met de ramen in een vergelijkbare stand. Gebruik steeds dezelfde meter en vermeld waar die staat. Schrijf ook op of de kas in de zon stond, hoe bewolkt of winderig het was en hoeveel ventilatieopeningen openstonden. Zonder die context kan een verschil door het weer of de bediening komen, niet door het gaas. Maak foto's van de openingen vóór montage, inclusief kozijnen en kieren, zodat u de situatie later kunt terugzien.

Herhaal de metingen nadat het scherm is geplaatst, liefst onder omstandigheden die zoveel mogelijk op de eerdere metingen lijken. Vergelijk trends in plaats van één piekwaarde en noteer wanneer u ramen opent of sluit. Een meter dicht bij een opening kan iets anders registreren dan een meter tussen de planten; gebruik daarom dezelfde positie bij iedere vergelijking. Leg de kasnaam vast, bijvoorbeeld klassieke aluminiumkas, plus het type gaas en de plek waar het zit. Verander bij het vergelijken zo weinig mogelijk andere zaken tegelijk. Blijft de uitkomst onduidelijk, deel metingen en foto's met de leverancier voordat u een andere maaswijdte kiest.

Kas met een opslaggedeelte van Accoya.

Aandachtspunten bij de keuze 5

Houd het gaas schoon en controleer de randen

Een doek dat vuil, stoffig of bedekt met plantresten raakt, kan minder open oppervlak overhouden dan toen het schoon was. Inspecteer het daarom regelmatig op stofophoping, blad, insectenresten, scheuren en losgeraakte randen. Kijk ook langs de bevestiging: een kleine beschadiging kan een doorgang vormen, terwijl een opgekrulde rand de ventilatieopening gedeeltelijk afsluit. Reinig het gaas alleen volgens de instructies van de leverancier, zodat u draden of coating niet beschadigt. Noteer wanneer het scherm wordt schoongemaakt of hersteld als u klimaatmetingen vergelijkt. Een foto van dezelfde rand vóór en na onderhoud maakt veranderingen makkelijker te herkennen.

Controleer het scherm na werkzaamheden aan ramen en na het verplaatsen van planten of materiaal dat ertegen kan schuren. Let op de aansluiting, maar trek het doek niet zo strak dat het frame vervormt of de raambeweging wordt belemmerd. Vervang een beschadigd stuk door gaas met gecontroleerde specificaties; een stof die er even fijn uitziet, hoeft niet dezelfde opening of luchtweerstand te hebben. Noteer bij vervanging het kasmodel, bijvoorbeeld de muurkas, en vraag of doek én bevestiging voor die uitvoering bedoeld zijn. Zo blijft na onderhoud duidelijk welk gaas is gemonteerd en waar u bij een volgende controle op moet letten.

Gegevens voor het vergelijken van kas en insectengaas

Een bruikbare vergelijking bevat minimaal vier gegevens: welke plaag u wilt weren, de gemeten maasopening, het open oppervlak of de luchtgegevens van het doek en de ventilatieopening waarop u het wilt monteren. Voeg het kasmodel, de raamsoort en uw teelt toe. Vraag de leverancier expliciet welke insecten het gaas volgens de specificatie tegenhoudt en of de luchtinformatie geldt voor het complete gemonteerde scherm. Als er alleen een maasgetal of een algemene omschrijving beschikbaar is, vraag dan om de ontbrekende gegevens. Veronderstel niet dat een fijnere maas vanzelf voldoende bescherming biedt zonder gevolgen voor de luchtstroom.

Blijkt dat de fijnere maas te veel weerstand geeft voor uw situatie, bespreek dan welke andere combinaties mogelijk zijn: een andere maasopening, meer bruikbaar schermoppervlak of afscherming van specifieke ventilatiepunten. Elke wijziging moet nog steeds passen bij de doelplaag en de kasconstructie. Bespreek bij gedeeltelijke afscherming ook welke toegangswegen voor insecten overblijven via openingen zonder gaas. Denk daarnaast aan schoon plantmateriaal en regelmatige inspectie, zodat u nieuwe signalen tijdig opmerkt. Voor een vergelijking met de aluminium Limited Edition-kas kunt u de gewenste raamconfiguratie en gaasspecificaties naast elkaar zetten. Zo blijft duidelijk welke combinatie u beoordeelt en waar bescherming en luchtstroom elkaar beïnvloeden.

Veelgestelde vragen

Welke maaswijdte is geschikt voor mijn kas?

Er is geen universele maat. Identificeer eerst de plaag en de levensfase die u wilt weren. Vraag daarna naar de feitelijke opening tussen de draden en naar de insecten waarvoor de fabrikant het gaas aanbeveelt. Alleen de omschrijving fijnmazig of een maasgetal geeft onvoldoende zekerheid.

Laat fijn insectengaas minder lucht door?

Dat kan. Fijner of dichter geweven gaas geeft doorgaans meer weerstand, maar de invloed hangt ook af van het open oppervlak, de afmetingen van het doek en de ventilatieopening. Vraag naar gegevens voor de combinatie die u wilt monteren; uit de maaswijdte alleen kunt u de luchtstroom niet afleiden.

Kan ik aan het maasgetal zien hoeveel lucht er overblijft?

Nee. Het maasgetal vertelt niet vanzelf hoeveel open ruimte het doek biedt. Ook draaddikte en weefstructuur spelen mee. Vraag naar de werkelijke maasopening, het open oppervlak en eventuele ventilatiegegevens met de gebruikte testomstandigheden. Controleer bovendien of de gegevens gelden voor los gaas of voor een gemonteerd scherm.

Moet ik alleen de dakramen met gaas afdekken?

Dat hangt af van welke openingen u gebruikt en waar insecten de kas kunnen binnenkomen. Breng ook ventilatieopeningen in zijwanden, kieren rond ramen en deuren in kaart. Scherm de bedoelde openingen af zonder bewegende delen te hinderen, en voorkom dat de montage ongewenste openingen langs de randen achterlaat.

Hoe merk ik of gaas de ventilatie te veel remt?

Vergelijk temperatuur- en luchtvochtigheidsmetingen van vóór en na montage, op dezelfde plek en onder zo vergelijkbaar mogelijke omstandigheden. Noteer ook het weer en de stand van de ramen. Een eenmalige meting is lastig te duiden. Controleer daarnaast of het gaas vuil is, loshangt of een raam niet volledig laat openen.

Voor een passende keuze bekijkt u de insectensoort, de werkelijke maasopening en de ventilatie van de complete gemonteerde opening in samenhang. Leg vóór plaatsing vast hoe temperatuur en luchtvochtigheid in uw kas verlopen en herhaal die metingen nadat het gaas is aangebracht. Zo kunt u beoordelen wat er na montage verandert, zonder op basis van alleen de maaswijdte conclusies te trekken over de luchtstroom.

45% BETERE PRIJS WANNEER U ONLINE KOOPT
Handelen op internet is handig en winstgevend
Vraag ons
Neem contact met ons op
Telefoon:
E-mail:
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
Reg.nr.:
38944924
Adres:
Thriges Plads 6, 5000 Odense C, Denmark
Sociale media
Volg ons op Instagram, Facebook en Twitter. Daar vind je het laatste nieuws en de beste aanbiedingen van Bloomcabin.
X
Heeft u vragen en wilt u dat wij u terugbellen?
+31
−
✖