Cookies, inclusief cookies van derden, worden gebruikt om de kwaliteit van de inhoud van deze website te verbeteren en aan te passen aan de behoeften van gebruikers. Door deze website te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies en met eventuele communicatie als u uw contactgegevens invult in een van de formulieren die op de website moeten worden ingevuld.
Blog

Neusrot bij kastomaten: waarom meer mest niet altijd helpt

Neusrot bij kastomaten: waarom meer mest niet altijd helpt

Teeltproblemen bij kastomaten

Een donker, ingezonken plekje aan de bloesemzijde van een tomaat past vaak bij neusrot. Dat betekent niet automatisch dat er te weinig calcium in de grond zit. Bij kastomaten ligt het probleem geregeld bij de aanvoer van calcium naar een jonge vrucht, bijvoorbeeld wanneer de wortels door wisselende vochtigheid minder goed opnemen. Extra mest herstelt die aanvoer niet vanzelf en kan de wortelzone juist zouter maken. Met een gerichte controle van de vrucht, watergift en teeltomstandigheden kun je andere schade onderscheiden en voorkom je dat je op goed geluk voeding toevoegt.

Buitenzijde van een orangeriekas

Wat je kunt controleren 1

Zo herken je neusrot aan de vrucht

Neusrot zit aan het uiteinde tegenover de steel: op de plek waar de bloem zat. Vaak begint het met een klein, glazig of waterig ogend plekje. Dat kleurt bruin tot bijna zwart, zakt in en wordt later droog of leerachtig. De aangetaste plek kan groter worden terwijl de rest van de tomaat nog normaal rijpt. De vorm is niet altijd netjes rond; de ligging aan de bloesemzijde is daarom minstens zo belangrijk als de kleur. Bij sommige vruchten blijft de plek begrensd, bij andere wordt hij groter. Het beschadigde weefsel wordt niet weer glad of gezond nadat je de watergift of voeding aanpast.

Bekijk ook andere vruchten, niet alleen het eerste exemplaar. Noteer of de plek steeds aan de bloesemzijde zit, op welke tros de vrucht groeit en of het probleem vooral voorkomt bij één bed, pot of rij. Maak een foto van de hele tomaat en een van de plek van dichtbij; zorg dat je kunt zien waar de steel zit. Zo kun je later vergelijken of nieuwe vruchten dezelfde afwijking ontwikkelen. Een foto helpt om het patroon te beschrijven, maar geeft op zichzelf geen zekerheid over de oorzaak. De combinatie van plek, verloop en teeltomstandigheden is informatiever dan één losse close-up.

Hoe je neusrot onderscheidt van andere schade

De plaats en het verloop helpen om vergelijkbare schade uit elkaar te houden. Zonnebrand verschijnt vaak aan een blootgestelde schouder of zijkant als een bleke plek die later papierachtig kan worden; dat is een ander patroon dan een ingezonken plek aan het bloesemuiteinde. Scheuren zijn open barsten, bijvoorbeeld rond de schouder of vanuit een groeispleet, en niet één begrensde inzinking aan het uiteinde waar de bloem zat. Stoot- of drukschade kan ook een donkere plek geven, maar ligt niet steeds aan dezelfde kant van de vrucht. Vergelijk meerdere exemplaren: plekken op dezelfde plaats ondersteunen de verdenking op neusrot, maar sluiten bijkomende schade niet uit.

Een natte, zachte plek die snel uitbreidt, schimmelgroei of een onaangename geur kan wijzen op aantasting van beschadigd weefsel of op een andere vorm van vruchtrot. Neusrot zelf is een fysiologische aandoening, geen besmettelijke ziekte die van tomaat naar tomaat overspringt. Micro-organismen kunnen een beschadigde plek later wel koloniseren, waardoor het beeld verandert. Kijk daarom ook naar bladeren, stengels en andere vruchten. Als de aantasting snel voortschrijdt, op uiteenlopende plekken begint of samengaat met duidelijke plantenschade, is een diagnose op basis van alleen een foto onzeker. Vraag dan advies aan een ervaren teeltadviseur of een dienst voor plantendiagnostiek.

Wat je kunt controleren 2

Calcium bereikt de vrucht via de wortels

Calcium komt de plant vooral binnen via de wortels en wordt met de waterstroom door de houtvaten, het xyleem, vervoerd. Het element verplaatst zich maar beperkt opnieuw vanuit ouder blad naar jong weefsel. Een snel groeiende tomaat kan daardoor tijdelijk minder calcium ontvangen dan nodig is, ook wanneer er calcium in de bodem aanwezig is. Bladeren verliezen doorgaans meer water door verdamping dan vruchten. Een goede calciumvoorraad in bladweefsel bewijst daarom niet automatisch dat een jonge vrucht voldoende krijgt. Neusrot zegt iets over de plaatselijke voorziening in de vrucht, niet rechtstreeks over de totale hoeveelheid mest die eerder is gegeven.

Houd de voorraad in de bodem en de opname door de plant uit elkaar. Calcium kan aanwezig zijn terwijl droogte, natte of beschadigde wortels, zoutophoping of een verstoorde voedingsbalans de opname en aanvoer hinderen. Er is niet één oorzaak die bij elke plant hetzelfde patroon geeft. Een extra calciumgift is pas logisch als de teeltomstandigheden en, waar nodig, een analyse daar aanleiding toe geven. Een bladbespuiting garandeert geen toevoer naar de vrucht, omdat calcium in de plant maar beperkt wordt herverdeeld. Neem bij een nieuwe kasindeling de rijen en waterpunten op in een schaaltekening. Vergelijk je bijvoorbeeld de Piramide-type kas, met uitvoeringen van 5,53 tot 18,9 m², bekijk dan ook hoe je het water bij iedere wortelzone krijgt.

Wisselende vochtigheid maakt calciumopname lastiger

Tomatenwortels nemen water en opgeloste voedingsstoffen uit hun directe omgeving op. Als die omgeving geregeld sterk uitdroogt en daarna weer langdurig nat wordt, verandert de aanvoer naar de plant mee. Een droge periode kan de opname afremmen; vervolgens veel water geven herstelt een eerder beschadigde vrucht niet en voorkomt niet automatisch dat dezelfde wisseling terugkomt. Ook een blijvend verzadigde wortelzone is geen oplossing: te weinig lucht rond de wortels kan hun werking hinderen. Richt je daarom op een passende, zo gelijkmatig mogelijke vochtigheid, niet op zoveel mogelijk water of een vast schema dat geen rekening houdt met het weer en de groei van de plant.

Controleer de grond of het substraat op worteldiepte en op meer dan één plek. Het oppervlak kan droog aanvoelen terwijl dieper nog vocht zit, of juist andersom. Vergelijk ook een gezonde plant met een plant met aangetaste vruchten. Kijk of het verschil samenvalt met een droge hoek, een andere bodemstructuur of een slecht werkende druppelaar. Geef water op basis van de toestand van de wortelzone en voorkom dat één plant telkens veel meer krijgt dan de rest. Zorg bij de kasindeling dat je elke rij kunt bereiken om de watergift te controleren. Bij de Limited Edition-kas met ingebouwde opslagruimte, verkrijgbaar in uitvoeringen van 5,52 tot 28,08 m², teken je daarvoor zowel de teeltvakken als de toegang tot de waterpunten in.

Orangeriekas in een tuin

Wat je kunt controleren 3

Potten, kweekzakken en volle grond vragen om andere controles

Een plant in een pot of kweekzak heeft minder substraat tot zijn beschikking dan een plant in volle grond. Daardoor kan de wortelzone sneller reageren op warm weer, watergift of zoutophoping. Water kan bovendien ongelijk door een kluit trekken, vooral als delen sterk zijn uitgedroogd of het substraat is ingezakt. In een border spelen juist bodemstructuur, verdichting en drainage mee. Neusrot kan in beide systemen voorkomen: de plek op de vrucht verandert niet, maar de mogelijke oorzaak in de wortelzone wel. Beoordeel daarom eerst hoe jouw tomaten groeien voordat je een algemene bemestings- of watermaatregel overneemt.

Controleer of het water de hele kluit bereikt en weer kan weglopen, zonder dat de wortels langdurig nat blijven. Kijk in meerdere potten of zakken; één droge rand of slecht doorlatende plek kan bij een algemene controle van de kas onopgemerkt blijven. Voeg niet meteen een extra voedingsproduct toe: in een klein volume kan een extra gift de zoutconcentratie verhogen. Wie kasruimte voor potten vergelijkt, telt behalve het vloeroppervlak ook de potten, loopruimte en toegang tot elke plant mee. Voor de Prestige-kas worden uitvoeringen van 3,77 tot 28,08 m² vermeld. Teken de potten en looppaden op schaal in, zodat je niet alleen ziet hoeveel er passen, maar ook welke kluiten je nog goed kunt controleren.

Waarom extra mest soms averechts werkt

Meer mest betekent niet automatisch meer calcium in de vrucht. Extra meststoffen verhogen ook de hoeveelheid opgeloste zouten rond de wortels; bij een hoge zoutconcentratie wordt water opnemen moeilijker. Daarnaast kan een scheve verhouding tussen voedingsstoffen de opname beïnvloeden. Een overmaat aan bijvoorbeeld kalium, magnesium of ammonium kan de balans met calcium verstoren, terwijl veel stikstof een sterke bladgroei kan stimuleren. Dat bewijst niet dat één van die stoffen in jouw kas de oorzaak is, maar het is wel een reden om niet op goed geluk verder te bemesten. Controleer wat er al in de grond of het substraat zit en welke voeding je eerder hebt gegeven.

Laat zo nodig de bodem of het teeltsubstraat analyseren op onder meer pH, zoutgehalte en voedingsstoffen. De juiste interpretatie hangt af van het teeltsysteem: een waarde voor volle grond is niet zonder meer toepasbaar op potgrond of een kweekzak. Voeg geen kalk, calcium of complete mest toe op basis van alleen de bruine plek. Ook bij een grotere kas kun je de voedingsbehoefte niet rechtstreeks uit het vloeroppervlak afleiden. De Bloomcabin Orangerie wordt in uitvoeringen van 47 tot 70 m² vermeld. Voor de bemesting tellen onder meer het aantal planten, het groeimedium en de meetwaarden; leg daarom vast welke voeding je per teeltvak hebt gebruikt.

Wat je kunt controleren 4

Kaswarmte en luchtvochtigheid beïnvloeden de waterbalans

Een kas verandert de omstandigheden rond het gewas, maar er is geen enkele temperatuur of luchtvochtigheid die neusrot op zichzelf verklaart. Bij warm, zonnig weer kan een plant meer water nodig hebben; bij hoge luchtvochtigheid verdampt hij doorgaans minder. Beide kunnen de waterstroom en de verdeling van calcium beïnvloeden, terwijl ook de wortelconditie en groeisnelheid meetellen. Een snelle wisseling tussen koel, vochtig weer en warme, droge perioden vraagt dus andere aandacht voor de watergift dan een gelijkmatigere periode. De plek op de vrucht blijft een belangrijke aanwijzing, maar observeer ook het gewas en het kasmilieu in plaats van alleen de buitenlucht.

Ventilatie en schaduw kunnen het kasmilieu beïnvloeden, maar zijn op zichzelf geen behandeling voor neusrot. Houd luchtcirculatie en vochtigheid in het oog en beperk grote schommelingen waar dat praktisch kan. Snoei niet ineens veel blad weg: dat verandert de verdamping en kan vruchten meer aan de zon blootstellen. Bekijk bij een kaskeuze welke ventilatiemogelijkheden de gekozen uitvoering heeft. De productinformatie voor de klassieke aluminiumkas vermeldt uitvoeringen van 3,77 tot 28,08 m², maar uit die maten kun je niet afleiden welke openingen aanwezig zijn. Beoordeel de openingen afzonderlijk en neem hun plaats mee in de teeltindeling, naast de bereikbaarheid van de planten.

Een korte registratie maakt patronen zichtbaar

Schrijf bij de eerste aangetaste vrucht de datum, tros, plant en plek in de kas op. Noteer ook wanneer en hoe je water gaf, of de grond of het substraat droog of nat was, welke voeding je recent gebruikte en of er een opvallend warme of vochtige periode was. Je hebt geen ingewikkeld meetsysteem nodig: dezelfde observaties bij gezonde planten maken de vergelijking al nuttiger. Als de schade telkens in één bed of aan één kant optreedt, kan dat wijzen op een lokaal verschil in water, bodem of klimaat. Het is een aanwijzing om verder te onderzoeken, geen bewijs voor één specifieke oorzaak.

Pas waar nodig één onderbouwde factor tegelijk aan, bijvoorbeeld de regelmaat van de watergift nadat je de wortelzone hebt gecontroleerd. Verander niet tegelijk water, mest, snoei en ventilatie zonder te noteren wanneer dat gebeurde; anders wordt het moeilijker om te zien wat verschil maakte. Houd dezelfde notities bij nieuwe trossen, want een bestaande plek trekt niet weg. Gebruik een plattegrond om iedere waarneming aan een plant en teeltvak te koppelen. Voor de muurkas worden uitvoeringen van 3,69 tot 14,34 m² vermeld. Voeg aan de tekening van jouw uitvoering de feitelijke plantplaatsen en waterzones toe, zodat lokale verschillen terug te vinden zijn in je registratie.

Overzicht van een orangeriekas

Wat je kunt controleren 5

Wat je met beschadigde vruchten kunt doen

De plek op een aangetaste tomaat geneest niet: water geven of de voeding aanpassen maakt het beschadigde deel niet weer gezond. Je kunt de vrucht laten hangen zolang je haar blijft volgen, of haar verwijderen als ze verder achteruitgaat of je nieuwe vruchten beter wilt inspecteren. Het weghalen van één vrucht behandelt de plant niet en garandeert niet dat de volgende tros vrij blijft. Let op of de plek droog en begrensd blijft of juist zacht wordt, nat uitbreidt of beschimmelt. Bij duidelijke bederfverschijnselen gooi je de vrucht weg in plaats van haar te bewaren.

Beoordeel het resultaat van aanpassingen aan vruchten die zich nog ontwikkelen, niet aan de oude plek. Noteer welke nieuwe vruchten beschadigd raken en welke zonder zichtbare afwijkingen verder groeien. Zo blijft duidelijk of je naar oude schade kijkt of naar schade die na de aanpassing is ontstaan. Zorg bij de teeltindeling dat je ook de vruchten achter in een rij kunt bekijken; alleen de gemakkelijk bereikbare tomaten controleren geeft geen volledig beeld. Wie hiervoor kasruimte vergelijkt, kan de aluminiumkas Limited Edition bekijken, die in uitvoeringen van 3,77 tot 28,08 m² wordt vermeld. Neem in de indeling voldoende toegang tot de planten mee, naast de ruimte voor de rijen zelf.

Wanneer bodemonderzoek of teeltadvies zinvol is

Laat je bodem of substraat onderzoeken wanneer neusrot bij opeenvolgende trossen terugkomt, de watergift redelijk gelijkmatig is maar het probleem blijft bestaan, of je ook zwakke groei en andere afwijkingen ziet. Een analyse kan helpen bepalen of pH, zoutgehalte of beschikbare voedingsstoffen aandacht vragen; ze bevestigt niet automatisch dat calciumtekort de enige oorzaak is. Noteer welke grond of potgrond je gebruikt, welke meststoffen je hebt toegepast en hoe je water geeft. Bij een afwijkend, snel uitbreidend of onduidelijk vruchtbeeld zijn foto’s van meerdere kanten en van de hele plant nuttiger voor een deskundige dan alleen een close-up.

Volg bij een grondmonster de aanwijzingen van het laboratorium voor diepte en samenstelling van deelmonsters. Meng geen verschillende teeltsystemen of duidelijk afwijkende vakken als je die apart wilt laten beoordelen. Voor substraat kunnen andere bemonsterings- en meetmethoden gelden dan voor tuingrond; vraag daarover zo nodig advies. Markeer op een kasplattegrond waar elk monster vandaan komt en waar de aangetaste planten staan. De T-model orangeriekas wordt in uitvoeringen van 16,52 tot 30 m² vermeld. Gebruik de oppervlakte als basis voor de tekening, maar houd de monsters per daadwerkelijk teeltvak gescheiden. Zo kun je de uitslag aan de juiste planten en omstandigheden koppelen.

Veelgestelde vragen

Is neusrot besmettelijk?

Nee. Neusrot is een fysiologische aandoening die samenhangt met de calciumvoorziening van de vrucht; het is geen infectie die van de ene plant op de andere overspringt. Beschadigd weefsel kan later wel door schimmels of bacteriën worden aangetast. Een plek die nat wordt, snel uitbreidt of schimmel vertoont, kan dus ook een bijkomend probleem hebben.

Betekent neusrot dat de grond te weinig calcium bevat?

Niet per se. Er kan calcium aanwezig zijn terwijl de wortels het door wisselende vochtigheid, beschadiging, zoutophoping of een verstoorde voedingsbalans niet goed opnemen of naar de jonge vrucht aanvoeren. Een bodemanalyse kan helpen, maar laat de uitslag beoordelen voor jouw grond of substraat. Voeg niet op basis van één plek zomaar kalk of calcium toe.

Helpt extra water tegen neusrot?

Een gelijkmatiger watergift kan helpen als de wortelzone geregeld te droog wordt. Meer water geven zonder controle kan de wortels langdurig nat houden en herstelt een beschadigde vrucht niet. Controleer het vocht op worteldiepte en op meer dan één plek. Kijk tegelijk naar de drainage en naar de verdeling van het water.

Kan een aangetaste tomaat nog rijpen?

De vrucht kan verder kleuren, maar de ingezonken plek herstelt niet. Volg de vrucht: wordt de plek zacht, nat, beschimmeld of onaangenaam ruikend, gooi haar dan weg. Het verloop vertelt je niet met zekerheid wat de oorspronkelijke oorzaak was, maar kan wel helpen om nieuwe vruchten en de teeltomstandigheden te vergelijken.

Helpt calcium via het blad?

Niet automatisch. Calcium wordt in de plant beperkt herverdeeld, waardoor een bespuiting van de bladeren niet garandeert dat er voldoende calcium in de vrucht terechtkomt. Controleer eerst de teeltomstandigheden en het groeimedium. Een gerichte aanpassing is vooral zinvol als een meting of deskundig advies daar aanleiding toe geeft.

Bij neusrot bereikt vaak onvoldoende calcium de jonge vrucht, ook wanneer de bodem wel calcium bevat. Kijk eerst naar de plek op de vrucht, de vochtigheid en gezondheid van de wortelzone en de manier waarop je bemest. Meet voordat je extra voeding toevoegt en beoordeel veranderingen aan nieuwe vruchten: beschadigde plekken herstellen niet. Een gerichte aanpak voorkomt onnodige mestgiften en maakt het makkelijker om een terugkerende afwijking te laten onderzoeken.

45% BETERE PRIJS WANNEER U ONLINE KOOPT
Handelen op internet is handig en winstgevend
Vraag ons
Neem contact met ons op
Telefoon:
E-mail:
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
Reg.nr.:
38944924
Adres:
Thriges Plads 6, 5000 Odense C, Denmark
Sociale media
Volg ons op Instagram, Facebook en Twitter. Daar vind je het laatste nieuws en de beste aanbiedingen van Bloomcabin.
X
Heeft u vragen en wilt u dat wij u terugbellen?
+31
−
✖